Teatermaker Lucas Vandervost brengt twee premières in Leuven

"Ik wil niet aktueel zijn, ik wil hedendaags zijn"

Lucas Vandervost, akteur en regisseur bij De Tijd, loopt al een tijdje met ijsberen in zijn hoofd. Neen, niet met de diersoort, ook niet met de zonderlingen die in het putje van de winter in ijskoud water springen, maar met het werkwoord. Na al dat koude denkwerk staat deze week de Belgische première van IJsberenrevue in de Stadschouwburg op de planken. Vandervost mag dan misschien geen ijsbeer zijn, hij is wel een bezige bij. Onmiddellijk na IJsberenrevue brengt De Tijd een andere première: Zien kijken, gebaseerd op foto's van Magnumfotograaf Henri Cartier-Bresson.

Vandervost: «Ik maak een parkoer. De ene voorstelling geeft meestal de inspiratie voor de volgende. Het is een soort estafette van het doorgeven van dingen. Ik ontdek in een voorstelling dat het werken met aparte gedachten heel boeiend is omdat je die naast elkaar kan zetten zonder dat het ergens naartoe moet. Het idee voor IJsberenrevue is twee jaar geleden ontstaan in de Vooruit. Ze nodigden toen elke maand iemand uit die zijn boekenkast even opendeed en vertelde waar hij literair door geboeid werd. In plaats van een opsomming te maken heb ik toen vrienden gevraagd om een fragment te lezen. Die avond heeft mij geïnspireerd om op die manier een teatervoorstelling te maken. We zitten met een vaste kern van zes akteurs maar per avond worden er nog eens drie gasten uitgenodigd die gewoon worden ingeschakeld.»
Veto: Hoe gaat u tewerk tijdens het repetitieproces?
Vandervost: «We hebben de teksten al aan elkaar verteld en ingestudeerd. We hebben vier dagen om een struktuur te zoeken en die voorstelling te maken. Elke akteur vertrekt met zijn eigen kennis en ambachtelijkheid. Het is een kwestie van de juiste balans te zoeken.»

Revue

«De vorm staat vast. Het skelet blijft hetzelfde: de akteurs gaan konstant van links naar rechts, daarom is het een revue. De revue is meer een vormelijk dan een inhoudelijk aspekt. Van links naar rechts is voor mij ook de leesrichting: de mensen komen op en gaan af en ondertussen is er iets gezegd. De akteur komt niet als zichzelf, de akteur komt als personagetje. Ik probeer zoveel mogelijk vanuit de persoonlijkheid van de akteur te werken binnen een kader. We proberen wel een stilistische zuiverheid te zoeken, maar iedereen pakt die aan op zijn manier. Niet iedereen vertelt op dezelfde manier een verhaal. Ik zorg wel voor een soort zuiverheid, zodat de ene niet psychologisch ingeleefd gaat spelen en de andere objektief-afstandelijk. We zoeken naar een juist bad. Iedereen gedraagt zich daar op zijn manier, maar de fond is wel dezelfde. De mens is voor mij belangrijker dan het resultaat. Ik moet met mijn akteurs vooral aan tafel kunnen zitten eten en praten. We moeten kunnen diskussiëren en het met elkaar kunnen vinden. Het publiek denkt dat De Tijd een gezelschap is, maar dat klopt niet: we hebben alleen een vaste kern van technici en een administratieve ploeg. Ik heb geen vast gezelschap omdat je dan elke keer weer dezelfde mensen moet gebruiken. Het zijn wel altijd dezelfde mensen die terugkomen, maar af en toe is er een nieuwe bij en af en toe gaat er iemand weg. De akteurs komen ook met ideeën, het is een wisselwerking. Ik doe alleen wat ik wil doen en dat is nogal literair gericht.»

Moeilijk

Veto: De literaire teksten die u brengt zijn vaak moeilijke teksten. Geldt dat ook voor IJsberenrevue?
Vandervost: «Die revue is een knipoog. Het woord revue is ook letterlijk te nemen: ijsberen en revue duiden op terugkijken en weerzien. Weerzien is ook teruggaan, mekaar opnieuw tegenkomen en denken. We moeten denken en als er een literaire vorm gevonden wordt om te kunnen beschrijven wat je denkt, dan komt daar ook emotionaliteit uit. Ik ga nooit iets doen om teatraal te zijn of om teatraal te doen. Teatraliteit is een vergroting maar dat betekent niet dat je moet overdrijven Vergroten is een gedachte de tijd geven om gedachte te zijn. En dan kun je je wel afvragen of zo'n tekst geschikt is voor teater, maar mij interesseert dat eigenlijk niet. Het is voor mij teater omdat we om acht uur beginnen, dinsdag hier in de Schouwburg, dat is de enige konventie.
Veto: Teatraliteit heeft voor u niets met overdrijven te maken, maar u doet bijna het omgekeerde: u werkt uiterst minimaal, enkel met tekst.
Vandervost: «Dat is ook al vergroten. Je moet de tekst zijn tijd geven, zijn werk laten doen zonder er zelf iets aan te mispeuteren. Ik zoek naar een afstandelijke betrokkenheid. Ik ben betrokken op wat ik zie en wat ik lees en die betrokkenheid wil ik laten zien, maar wel met de nodige afstand tot de auteur. Ik wil eigenlijk meer een soort tolk zijn. Ik moet niet doen alsof ik die tekst denk. Ik aanvaard het dat mensen het moeilijk vinden, maar we moeten in deze wereld leren omgaan met wat moeilijk is, met wat niet te begrijpen is. Begrijpen wij de wereld dan? Ik begrijp de wereld van geen kanten, maar dat is een gevoel waar ik moet mee leren omgaan. Heel de maatschappij is veel te fel gericht op wat begrijpelijk is. 'Verstaan' is eigenlijk een veel mooier begrip: be-grijpen is hebberig zijn en in ver-staan zit verplaatsing. Als ik een tekst versta, dan sta ik op een andere plaats na het lezen van die tekst dan voordien, dus is er iets met mij gebeurd. Ik word erdoor bewogen en word een ander mens. Ik sta de mensen toe om af te haken: dan heb je toch respekt voor je publiek, of niet soms?»

Eenzaamheid

Veto: Eenzaamheid speelt een belangrijke rol in uw werk. Opvallend is de positieve konnotatie die u eraan geeft.
Vandervost: «Eenzaamheid is de basis die schoonheid toestaat. Ik weet niet of mijn ontroering bij iets moois dezelfde is als jouw ontroering, ik kan dat nooit weten, ook al zitten we allebei met tranen in de ogen. Het is een ervaring die je hoopt te delen maar die eigenlijk alleen maar je eenzaamheid bevestigt. Schoonheid is de bevestiging van eenzaamheid en eenzaamheid staat de ervaring van schoonheid toe. Maar het is natuurlijk een luxe-eenzaamheid: ik heb het dan niet over de eenzaamheid van de vierde wereld die onder bruggen slaapt en op banken in het park. We moeten de eenzaamheid leren aanvaarden, ze is er altijd geweest en zal er altijd zijn. Deze zomer lag ik een maand lang in een hangmat in Frankrijk en las John Berger, die het heeft over de verliefdheid van oude mensen in Alpendorpen. Ik voelde mij door dat te lezen opnieuw zestien en niet zeventig, ik voelde dezelfde paniek om heel mijn leven alleen te zijn. Ik zag mij weer huilend naar telefoonkotjes lopen om te bellen naar de persoon die ik wilde, maar niet durfde bellen. Die opgewondenheid is triest, maar tegelijk het schoonste wat er is. Dat is het toppunt van emotionaliteit: dat is geen sentiment. Ik zou heel graag willen dat deze voorstelling een voorstelling wordt over de schoonheid van de eenzaamheid.»

Engagement

Veto: Wilt u de mensen aansporen tot denken bij een voorstelling?
Vandervost: «Ik kan het alleen maar zelf doen. Ik wil niet met een wijsvinger zwaaien. Ik denk dat de mensen wel degelijk denken. Mijn teksten hebben geen boodschap of moraal in de zin van 'zo moet ge denken'. Vorig jaar hebben we een voorstelling over politiek engagement gemaakt. We wilden niet tonen hoe de mensen met hun politiek engagement naar buiten moeten komen. Ik probeer eigenlijk de inhoud altijd een beetje te versluieren en dat wordt dan soms ervaren als moeilijk, maar dat is eigenlijk een misverstand.»


«Ik respekteer het publiek te veel om het te laten zien hoe de wereld in elkaar zit.»


Veto: Wat is dan uw engagement?
Vandervost: «Ik heb veel mensen op hun tenen getrapt door hardop te zeggen wat ik denk en uiteindelijk is dat de zuiverste vorm van politiek: gewoon zeggen waar je voor staat. Politiek is niet alleen datgene wat de maatschappij direkt benadert of verandert. Tom Lanoye is in Vlaanderen niet de enige artiest die politiek geëngageerd is. het is niet omdat hij op een lijst gaat staan dat hij meer geëngageerd zou zijn.»
Veto: Politiek engagement heeft toch ook te maken met aktualiteit.
Vandervost: «Ik ben absoluut niet bezig met de aktualiteit, de aktualiteit is voor het journaal. Ik wil niet aktueel zijn, omdat ik dan enkelvoudig te bergijpen ben, ik wil hedendaags zijn, maar dat is een heel groot verschil. Teater hoeft niet de spiegel van de maatschappij te zijn, het teater haalt het nooit van de pers op het vlak van aktueel zijn. Het interesseert mij eigenlijk niet. Ik kan alleen maar laten zien hoe mijn wereld in elkaar steekt en die is misschien anders of misschien ook hetzelfde. Ik weet niet wie er naar mijn voorstellingen komt kijken.»

Foto's

Veto: Uw tweede voorstelling in Leuven, Zien kijken, heeft ook een heel aparte invalshoek: er worden foto's bekommentarieerd door auteurs.
Vandervost: «Bekommentarieerd niet echt. Ik heb foto's van Cartier-Bresson aan zeven auteurs gegeven en die hebben zich daardoor laten inspireren. Sommigen beschrijven de foto's , anderen schrijven er een verhaal over dat na twee zinnen al niets meer met de foto te maken heeft, maar je voelt telkens dat de foto de aanleiding is geweest. Geen enkele auteur is op de hoogte van de keuze van de andere, dus niemand weet eigenlijk wat de andere heeft geschreven. Je krijgt zeven verschillende invalshoeken ook al gaat het feitelijk over hetzelfde: hoe je in de tijd kunt kijken, hoe je een moment uit je leven kunt kadreren. Cartier-Bresson kijkt ontzettend goed. De titel Zien kijken is ook een estafette van kijken naar iemand of zien naar iemand die kijkt: de foto wordt doorgegeven. Je hebt eerst de fotograaf die iets ziet, die foto gaat dan vervolgens naar een auteur, een akteur en het publiek. Die keten van één beeld, dat een sekonde uit een leven is, passeert zoveel andere levens. Het zal ook wel geen teater zijn maar het gaat daarover. De enige verbinding is die ene man die ooit die klik heeft gedaan.»
Anne Dekerk
Diederik Vandendriessche
IJsberenrevue op dinsdag 1 en woensdag 2 februari om 20 uur in de Stadschouwburg. Zien kijken op dinsdag 8 en woensdag 9 februari om 20.30 uur, Vlamingenstraat 83.



Inhoud